Los de gist op in wat lauwwarme melk.
Doe de bloem en een snufje zout in een kom.
Maak een kuiltje in het midden van de bloem.
Schenk het gistmengsel en breek het ei in het kuiltje.
Meng alles tot een glad beslag, met een pollepel of met de hand.
Laat het beslag afgedekt ca.
1 uur rijzen op een warme plaats.
Meng de rozijnen door het gerezen deeg.
Verwarm 1 ½ eetlepel olie in een braadpan met deksel.
Giet het deeg in de pan.
Zet de pan kort op hoog vuur, zodat de onderkant een korstje krijgt.
Zet het vuur laag en bak de broeder ca.
1 uur gaar met de deksel op de pan.
Controleer met een breinaald of de brooder gaar is (de breinaald komt er droog uit).
Haal de broeder uit de pan.
Doe de overgebleven ½ eetlepel olie in de pan.
Leg de broeder omgekeerd in de pan en bak de andere kant kort bruin.
Snijd de broeder in dikke plakken.
Serveer warm met stroop, boter of stroopsaus.