Kook de aardappelen in gezouten water gaar.
Verhit ondertussen bakboter in een pan en braad de worstjes rondom bruin, gedurende ± 20 minuten tot ze gaar zijn.
Besprenkel de perenparten met citroensap.
Dep ze droog en voeg ze de laatste 10 minuten bij de worstjes.
Laat de tomatenblokjes uitlekken, maar vang het sap op.
Giet de aardappelen af en stamp ze fijn.
Meng de tomatenblokjes, bieslook en zoveel tomatenvocht door de aardappelpuree tot een smeuïge puree ontstaat.
Breng op smaak met peper en zout.
Serveer de puree met de gebakken worstjes, de gestoofde peer en de tomatensaus.