Schil de stoofperen, snijd ze in partjes en verwijder de klokhuizen.
Breng in een pan 2 dl water met de kaneel, suiker en peren aan de kook.
Dek de pan af en stoof de peren op laag vuur gedurende ongeveer 30 minuten.
Schil de aardappels, was ze en snijd ze in vieren.
Voeg de aardappelen toe aan de peren, samen met wat extra water indien nodig.
Stoof op laag vuur tot zowel de peren als de aardappels gaar zijn.
Snijd het rookspek in plakken van ½ cm dik en bak ze op middelhoog vuur in een koekenpan aan beide kanten goudbruin.
Haal ze uit de pan en houd ze warm.
Voeg de azijn, peper en het spekvet toe aan het gare peer-aardappelmengsel en meng alles goed door elkaar.
Breng het geheel op smaak met extra zout en peper naar wens.
Serveer de stamppot met de gebakken spekplakjes erop.
Lekker met roggebrood, boter en mosterd om het spek mee te besmeren.