Leg het vlees met de huidkant naar boven voor je neer.
Snijd er met een heel scherp mes een ruitvorm in.
Let op dat je net door de huid heen snijdt maar niet te diep.
Kook ongeveer anderhalve liter water in een waterkoker.
Leg het vlees op het rooster in de gootsteen en giet het water over de huid, je zult zien dat de randjes helemaal op gaan krullen.
Dep het droog en leg het even opzij terwijl je de marinade maakt voor het vlees.
Rasp de knoflook zeer fijn.
De huid nadat het kokende water erop is gegoten
Voor de marinade meng je de Miso, 5-Spice, Knoflook, Rietsuiker en Arachide olie samen tot een pasta.
Leg het spek met de vleeskant naar boven en maak over de lengte even twee diepe snedes om de marinade nog beter in te kunnen wrijven.
Wrijf vervolgens de marinade als een dikke pasta overal over het vlees gedeelte en in de snedes en elke groef van het vlees maar let erop de huid niet te raken.
Lekker dik insmeren.
Leg het spek daarna weer met de huid naar boven in de braadslede en dep eventueel marinade die toch op de huid is gekomen weg.
Zet de braadslede onafgedekt in de koelkast en laat het overnacht drogen.
De volgende dag zet je de oven alvast aan op 180 graden.
Wrijf grof zeezout in de groeven van de snedes van de huid.
Meng 2 EL Ketjap in 1 liter kokend water en giet dit rustig in de braadslede zonder de huid te raken hiermee.
Het water moet net tot aan de onderkant van de huid komen maar mag hem niet raken.
Zet de braadslede middenin de oven en braad het spek in 3½ uur langzaam gaar.
Haal de braadslede uit de oven en smeer de huid in met
Rijstwijn azijn met een kwastje.
Zet de grill op medium stand en het rooster wat hoger zodat het vlees een CM of 10 onder de grill ligt.
Grill de huid tot er bubbeltjes op komen, blijf er wel bij want het kan snel gaan.
Zorg ervoor dat er voldoende bubbeltjes over de gehele huid zijn.
Pas dan is alles echt lekker bros en krokant.