Meng alle ingrediënten voor de vulling in een kom goed met je handen door.
Pak af en toe de bal even op en gooi die met kracht in de kom, dit maakt dat de massa compacter wordt.
Tip: Laat de Gyoza vellen een dag van tevoren ontdooien, hou de verpakking dicht! De randen drogen anders uit. Wanneer je gaat vouwen, haal de vellen uit de verpakking en doe ze in een boterhamzakje. Haal er een klein stapeltje uit en verwerk die. Laat de rest in het dichtgevouwen zakje zitten om uitdrogen te voorkomen.
Zet een kommetje water klaar om met je vingertoppen het randje van de vellen nat te maken.
Vouw de Gyoza als volgt:
Maak met je vinger de rand van het velletje nat.
Verdeel een flinke theelepel vulling in het midden van het velletje:
Vouw het velletje dubbel en knijp samen in het midden:
Maak een plooi aan de rechterkant en vouw deze naar het midden, knijp 'm even vast:
Herhaal dit 3 keer en knijp ook het uiteinde even dicht:
Herhaal deze stappen aan de andere kant:
Zet de Gyoza met de gevouwen kant naar boven op een stukje bakpapier en vouw de hoekjes nog een beetje naar binnen.
Dan heb je uiteindelijk een heel legertje Gyoza. Deze kan je in porties verdelen en in de vriezer doen, dat het deeg al eens is ingevroren geeft niet, dat is maar meel en water.
Bak de Gyoza in een hete koekenpan (waar een deksel op past!) en wat olie aan de onderkant goudbruin.
Zodra de onderkant bruin is doe je er zo'n 200 ml water of bouillon bij en zet je het deksel erop. Stoom de Gyoza gaar in zo'n 5 minuten of tot het vocht is verdampt.