Smelt een klein klontje boter (circa 10 gram) in een pannetje en fruit de fijn gesnipperde ui daarin goudgeel.
Laat dit iets afkoelen.
Roer het ei los met de melk in een ondiep bord en week de sneetjes witbrood hierin.
Druk het geweekte brood met een vork fijn en meng het, met het niet opgenomen vocht, door het gehakt.
Maak het gehakt aan met de lichtgefruite ui, en zout, peper en nootmuskaat naar smaak.
Kneed alle ingrediënten goed door elkaar en vorm er 4 grote ballen van.
Bestuif de ballen met een klein beetje bloem en schud de overtollige bloem eraf.
Laat de resterende boter (circa 65 gram) in een braadpan heet worden.
Braad de gehaktballen hierin op middelhoog vuur rondom goudbruin.
Leg, als het gehakt bruin is, het deksel op de pan en braad ze in totaal 10 minuten, waarbij je ze regelmatig keert.
Giet na deze 10 minuten braadtijd een scheutje heet water (ca.
50 ml) bij de ballen.
Laat de ballen, nog steeds met het deksel op de pan, 10 minuten verder sudderen.
Dit zorgt voor een perfecte jus en garandeert dat de bal van binnen gaar is.