Meng het gehakt met broodkruim, ei, kerriepoeder, gemberpoeder, een halve eetlepel koriander, zout en peper.
Kneed goed door en vorm er acht kleine worstjes van.
Verhit de olie in een koekenpan en bak de worstjes in 10 tot 15 minuten rondom bruin en gaar.
Laat uitlekken op keukenpapier en laat afkoelen.
Meng de resterende koriander met de peterselie in een kom.
Bestrijk de afgekoelde worstjes licht met gembersiroop en rol ze door het kruidenmengsel.
Serveer warm of koud als borrelhapje of bijgerecht.