Kook de rijst in 3 deciliter water met wat zout in ongeveer 20 minuten gaar en droog.
Laat hem afkoelen.
Pel de druiven, halveer ze en verwijder de pitjes.
Hak de walnoten fijn en snijd de kaas in dobbelsteentjes.
Schep alles voorzichtig door elkaar.
Vermeng de yoghurt met zout, peper, kerrie en wat suiker en schep de saus door de salade.
Zet deze een half uur in de koelkast zodat de smaak goed kan doortrekken.
Schep de rijstsalade vervolgens nogmaals door.
Serveer hem op een met gewassen en gedroogde slabladeren belegde schaal.
Geef deze salade bij een feestelijke gelegenheid als lunchgerecht.
Gebruik stevige druiven, bijvoorbeeld de grote groengele muskaatdruif of de kleinere blauwe Frankentaler.
Het pitten van de druiven is een heel karwei, dat kan worden vereenvoudigd door een stopnaald te gebruiken, waarmee u de pitjes snel uit de druiven wipt.
Wanneer u het zich helemaal makkelijk wilt maken kunt u ook gepelde en ontpitte druiven uit blik gebruiken.
Bij het verwerken in de salade moet u dan wel heel voorzichtig omscheppen. .
Gebruik voor rijstsalades altijd droogkokende rijst, zoals Patnanjst of Siamnjst.
Ook Surinaamse rijst is zeer geschikt.
De korrels moeten stevig zijn en mogen niet aan elkaar plakken.