Maak de marinade door in een kom de droge witte wijn, het citroensap, de gemalen komijn, de geperste knoflook, het laurierblad en peper naar smaak te mengen.
Voeg de varkensvleesblokjes toe aan de marinade, zorg ervoor dat ze goed bedekt zijn.
Dek de kom af en laat het vlees minimaal 1 nacht (of langer in de koelkast) marineren, zodat de smaken goed kunnen intrekken.
De volgende dag: haal de varkensvleesblokjes uit de marinade en dep ze goed droog met keukenpapier.
Bewaar de marinade.
Smelt het spekvet in een grote koekenpan op middelhoog vuur.
Voeg de droge varkensvleesblokjes toe aan het gesmolten spekvet en bruin ze rondom aan alle kanten.
Giet de bewaarde marinade bij het bruine vlees in de pan.
Breng het geheel aan de kook, zet het vuur laag, leg een deksel op de pan en laat het varkensvlees zachtjes sudderen gedurende ongeveer 45 minuten, of tot het vlees mals is en de saus is ingedikt.
Roer af en toe.
Verwijder het laurierblad voor het serveren.
Garneer het gerecht met olijven en partjes citroen.
Serveer warm.