De oven wordt voorverwarmd op 200°C en de ovenschaal licht ingevet met een beetje gesmolten boter.
De onderkant van de witlof wordt afgesneden en eventuele buitenste blaadjes worden verwijderd.
De stronkjes worden vijf minuten gekookt in gezouten water en daarna goed uitgelekt.
In een koekenpan worden de spekjes uitgebakken tot ze knapperig zijn, waarna ze uitlekken op keukenpapier.
De gesmolten boter wordt gemengd met de mosterd, peper en zout, waarna de witlof hiermee wordt bestreken in de ovenschaal.
De spekjes worden verdeeld over de witlof, gevolgd door plakjes brie.
Vervolgens wordt de geraspte kaas erover gestrooid.
De ovenschaal gaat 20–25 minuten in de oven totdat de kaas goudbruin en bubbelend is.
Na een paar minuten rusten is het gerecht klaar om te worden geserveerd, eventueel met een frisse salade erbij.