aat de ansjovis uitlekken op keukenpapier.
Spoel de salieblaadjes af en dep ze droog.
Snij de ansjovis in stukjes van b.v. 1,5 centimeter.
Leg op elk salieblaadje een stukje ansjovis, rol het op en prik het vast met een cocktailprikker.
Klop het ei met een beetje peper in een lage kom (geen zout, want de ansjovis is erg zout).
Doe een deel van de bloem in een diep bord of schaaltje en doe een eetlepel bloem in de zeef.
Verwarm ondertussen een pan met een laag olie (b.v. sla-, zonnebloem- of koolzaadolie) van ongeveer 2 centimeter.
Wentel ieder opgerold salieblaadje eerst door de bloem en dompel het daarna in het eimengsel.
Gebruik nu de zeef om het met bloem te bestrooien.
Zodra de olie op temperatuur is, frituur dan de saliehapjes in porties tot ze een mooie lichtbruine kleur krijgen en laat ze uitlekken op keukenpapier.