Maak de schol schoon.
Leg de schoongemaakte vis in een pan.
Voeg er koud, gezouten water bij (15 gram zout per 1 liter koud, gezouten water zodat ze net onderliggen.
Breng de vis langzaam aan de kook en pocheer ze, waarbij het kooknat dus niet mag koken.
Kook de vissen in 10 à 15 minuten gaar.
Laat de vissen uitlekken.
Leg ze op een schaal.
Garneren met krulpeterselie en schijfjes citroen.
Intussen de boter laten smelten en daar de kruiden, het zout en het citroensap bij voegen.
Apart serveren.