Snij de kip in stukken en in ⅔ liter water met wat zout gaarkoken.
Daarna het vlees van het bot plukken, uit laten lekken en apart leggen.
De laksa niet te gaar koken en uit laten lekken.
Fruit in wat olie de knoflook, ui, koenjit, djahé en de prei.
Doe er dan de stukjes kip bij.
Breng de bouillon aan de kook en doe er de gefruite kip en laksa bij.
Goed doorroeren en het vuur laag.
Serveer in een soepkom of diep bord.
Eerst wat taugé), dan de soto erover heen.
Daarna wat gebakken uitjes, sambal en ketjap erover.