Verwijder al het vlees van de botten van de patrijs.
Hak de botten fijn.
Maak de wortel en ui schoon en snij in kleine blokjes.
Bak de botten in de olie bruin evenals de wortel en ui.
Giet als het goed bruin is de olie af en voeg de helft van de cognac, port en wijn toe en een glas water.
Laat ¾ uur zachtjes koken en zeef het.
Snij van de borst van de patrijs lange smalle repen.
Snij de rest in blokjes.
Snij het varkensvlees, spek en kalfsvlees in blokjes.
Doe al het vlees in een kom.
Voeg tijm en laurier toe.
Als het vocht afgekoeld is de rest van de cognac, port en wijn.
Meng alles goed en laat 1 nacht marineren.
Laat uitlekken, bewaar het vocht en hou de reepjes apart.
Draai de rest van het vlees 2 keer door de vleesmolen op de kleinste plaat.
Doe in een kom, voeg het ei, het marinadevocht, 15 g zout, 5 g peper, kruidnagelpoeder en nootmuskaat.
Meng goed zodat een homogene farce ontstaat.
Bekleed een terrine met bardeerspek.
Leg er een laag farce in.
Leg daarop wat reepjes en weer een laag farce, enz..