Schil de appels, verwijder de klokhuizen en snijd het vruchtvlees in stukjes.
Doe de appelstukjes met 1 cm water, de suiker, de vanillesuiker, het kaneelpoeder en de rozijnen in een pan en breng alles aan de kook.
Kook de appelstukjes in ± 10 minuten tot moes.
Roer de moes goed om.
Roer de sambasaus met de ketjap en het sap door elkaar en wrijf de kipfilets er goed mee in.
Leg de kipfilets in een ovenvaste schaal en bak de kipfilets in en voorverwarmde oven (200 °C) in ± 25 minuten gaar en bruin.
Schep regelmatig een beetje van het sambamengsel over de kipfilets.
Frituur de frieten in de frituurolie volgens de aanwijzingen op de verpakking mooi goudbruin.
Serveer de kip met de frieten en de appelmoes.