Stroop het groene blad van de nerven van de bloemkool, was het goed en kook het enkele minuten in water.
Giet daarna af en hak de kool fijn.
Leg de aardappelen in een pan met voldoende water zodat ze bijna onderstaan.
Breng het water met de aardappelen aan de kook en leg vervolgens de helft van de gehakte boerenkool op de aardappelen.
Leg de rookworst bovenop de boerenkool en dek dit af met de resterende helft van de boerenkool.
Strooi een snufje zout over de kool en laat het geheel ongeveer 45 minuten zachtjes koken.
Controleer regelmatig of er nog voldoende water in de pan zit.
Zodra de aardappelen en boerenkool gaar zijn, haal de rookworst uit de pan.
Voeg de reuzel toe aan de pan en stamp de boerenkool en aardappelen goed door elkaar tot een smeuïge stamppot.
Breng de stamppot op smaak met peper en eventueel extra zout naar wens.
Snijd de rookworst in plakken en serveer deze naast of bovenop de stamppot.