Verhit 1 eetlepel olijfolie in een hapjespan op middelhoog vuur.
Bak de spekreepjes tot ze knapperig zijn.
Voeg de gesnipperde ui toe en bak tot deze goudbruin is.
Haal de spekjes en ui uit de pan en houd ze warm in een oven op 100 °C.
Schil de aardappelen en snijd ze in gelijke blokjes.
Spoel de aardappelblokjes af met koud water en dep ze droog met keukenpapier.
Voeg de resterende olijfolie toe aan de pan en verhit goed.
Bestrooi de aardappelen met de cajunkruiden en bak ze 12 minuten op middelhoog vuur, regelmatig roerend.
Zet het vuur hoger en bak de aardappelen tot ze goudbruin en knapperig zijn.
Voeg de spekjes en ui toe en meng alles goed.
Bestrooi met fijngehakte bieslook en serveer direct.