Snijd de forel in stukjes en pureer met slagroom en eiwit tot een gladde massa.
Breng op smaak met citroensap, zout en peper en laat een uur opstijven in de koelkast.
Schil de witte asperges en snijd ze in stukken.
Kook de schillen in water met zout, suiker en boter gedurende 20 minuten en zeef het vocht.
Voeg extra water toe en breng opnieuw aan de kook.
Kook de aspergestukken in ongeveer 25 minuten gaar.
Bewaar een deel van het kookvocht.
Smelt boter, voeg bloem toe en maak een roux.
Voeg het kookvocht toe en roer tot een gladde soep.
Voeg de asperges toe en laat nog kort koken.
Meng eidooiers met slagroom en roer dit door de soep.
Vorm kleine balletjes van de forelpuree en pocheer deze 4 minuten in heet water.
Verdeel de balletjes over de kommen en schenk de soep erover.