Fruit in wat olie de trassi, ui en knoflook. Als de uien bruin zijn, doe er dan de petehbonen, lombok en
djeroek poeroet bij. Zet het vuur laag en giet er dan de dunne santen bij. Als het begint te koken dan
de garnalen. Aubergine (in dobbelstenen), kool, gehalveerde bonen, ketoembar, djah), ve-tsin, kemirie
en zout erbij. Indien de kool en bonen half gaar zijn, de tomaten en dikke santentoevoegen. Nog even
laten doorsudderen. Serveer met witte rijst, een vleesgerecht, kipgerecht en sambal.