Snijd de aardappelen tot lange slierten met een Japanse mandoline of een dunschiller en vervolgens in lange reepjes met een mes.
Breng de room en de melk aan de kook en voeg de parmezaankaas toe.
Bind met wat maïzena en kruid met peper en zout.
Kruid de koteletten met peper en zout en bak ze kort aan twee kanten in wat boter.
Kook de aardappelslierten gedurende 45 seconden in gezouten water en giet af door een zeef.
Plaats de sliertjes op 4 borden en giet de kaassaus erover.
Garneer met spek, gehakte truffel of truffelolie, parmezaanschilfers, erwten, olijfolie en eigeel.
Serveer met de varkenskoteletten.