Kook de aardappelen in de helft van de bouillon gaar.
Stamp de gare aardappelen fijn tot puree.
Snijd de prei in fijne reepjes.
Fruit de prei met de knoflook in de boter tot ze glazig zijn.
Voeg de rest van de bouillon toe aan het preimengsel.
Meng het preimengsel met de aardappelpuree.
Breng alles aan de kook.
Voeg mierikswortel, zout, foelie en/of nootmuskaat toe.
Laat de soep enkele minuten zachtjes pruttelen.
Laat de soep eventueel afkoelen; deze basis kan een dag van tevoren worden gemaakt.
Verwarm de soep opnieuw voor het serveren.
Meng room, mosterd en eierdooier door elkaar in een kom.
Roer het roommengsel door de warme soep, zonder deze opnieuw te laten koken.