Schil de ui snij ze in stukken, smelt 50 gram boter in een pan en sauteer hierin de stukken ui lichtbruin.
Haal ze eruit.
Snij het konijn in stukken en sauteer deze in dezelfde boter bruin aan alle kanten.
Snij het spek in julienne, voeg dit met de uien na tien minuten bij het konijn.
Strooi er de bloem over en meng alles goed.
Flambeer het geheel met de kirsch, geef er dan de wijn en de bouillon bij met zout en peper.
Hak de geconfijte kersen fijn en voeg ze ook toe.
Leg de deksel op de pan en laat 20 minuten op zacht vuur koken.
Voeg dan de ontpitte kersen toe en zet de pan met het deksel erop een half uur in een oven van 170 graden C.
Haal voorzichtig de stukken konijn uit de pan , leg ze op een voorverwarmde schaal en houdt ze warm.
Was en hak wat salie en munt en klop de saus met de rest van de boter op.
Schenk ze over het konijn, strooi er wat salie en munt over.