Zet een ruime pan met water op met een kippenbouillonblokje.
Voeg de broccoli toe en kook tot de broccoli beetgaar is.
Giet af door een zeef maar bewaar het kookvocht.
Laat de broccoli goed uitlekken,
Doe de blokjes kipfilet in een schaal.
Strooi er zout, peper en paprikapoeder over.
Meng goed door elkaar.
Verhit wat olie in een koekenpan en bak de kipblokjes om en om aan.
Ze hoeven nog niet helemaal gaar. Het gerecht gaat nog in de oven en daar gaart de kip nog verder. Haal de kip uit de pan en bewaar.
Voeg, indien nodig, nog wat olie in de pan toe en bak de krieltjes.
Breng de krieltjes op smaak met zout, peper en paprikapoeder.
Voeg als de krieltjes halverwege zijn de champignons toe.
Voeg dan de paprika toe en bak nog 10 minuutjes mee.
Voeg dan de broccoli en de kip toe.
Spatel alles goed door elkaar.
Verwarm de oven voor op 200 graden.
Vet een ovenschaal in.
Doe het mengsel in de ovenschaal.
De saus
Verwarm de boter in een steelpan.
Fruit de ui tot hij glazig is maar laat niet bruin worden.
Voeg de bloem toe en bak deze gedurende 2 minuten mee.
Zodra de bodem van de pan dof begint te worden voeg je beetje bij beetje het broccoli vocht toe totdat je een gladde en dikke saus hebt.
Let op je hoeft dus niet al het vocht te gebruiken.
Verkruimel het bouillonblokje.
Roer de saus goed door.
Voeg de kaas toe en laat deze in de saus smelten.
Gerecht afmaken
Giet de saus over het gerecht.
Plaats de schaal in de oven en laat nog een klein half uurtje garen of totdat de saus begint te kleuren. Haal de schaal uit de oven en laat iets afkoelen.
Zeef de bloem in 2 gedeeltes boven de eieren en spatel de bloem erdoor.
Spatel de boter erdoor.
Strijk het beslag gelijkmatig uit over een met bakpapier beklede bakplaat en bak het biscuit in de oven in 6-10 minuten goudbruin en gaar en laat het afkoelen.
Leg ruim plasticfolie op het aanrecht en leg de plak biscuit, met het bakpapier naar boven, op de folie.
Verwijder het bakpapier.
Snijd een baan van circa 8 cm van de breedte van het biscuit en houd apart.
Banketbakkersroom
Halveer het vanillestokje in de lengte en schraap het merg eruit.
Breng in een pan de melk met het vanillemerg, het uitgeschraapte stokje en 60 g suiker aan de kook.
Roer de eidooiers met de rest van de suiker los en roer de bloem erdoor.
Meng een scheutje melk door het eimengsel en schenk terug in de pan.
Roer goed door en verwijder het vanillestokje.
Breng de banketbakkersroom aan de kook en laat op laag vuur garen.
Schenk de banketbakkersroom in een kom en laat afkoelen.
Mokkacrème
Kook voor de mokka-extract de espresso met de suiker in tot een siroop.
Smelt de chocolade.
Draai de boter met de poedersuiker luchtig.
Voeg banketbakkersroom, mokka-extract en chocolade toe en roer tot de crème egaal van kleur is.
Mokkaboomstam
Bestrijk het biscuit met een laag mokkacrème en schep de overgebleven crème in een spuitzak met glad spuitmondje.
Bestrooi met amarenakersen en pecannoten.
Maak met behulp van de folie een strakke rol van het biscuit, draai de uiteindes is tegengestelde richting aan en knoop ze dicht.
Herhaal dit met de achtergehouden baan biscuit en laat de rollen opstijven in de koelkast.
Snijd de kleine rolletjes diagonaal doormidden en prik ze met behulp van cocktailprikkers vast op de bovenkant van de boomstam.
Decoreer de boomstam met de overgebleven mokkacrème garneer naar eigen inzicht.